|
De hoofdribben van het vierkante gewelf worden in de hoeken ondersteund door vier kunstig gehouwen kraagsteentjes met bladwerk. Drie ervan hebben eikenbladeren en de vierde fijn uitgewerkt distelblad. Ook zijn details als knoestige takken en eikels ze zien, waarmee de vormgeving nauw verwant blijkt met die van diverse ornamenten in de Broederschapskapel en aan het gedraaide baldakijn, en bovendien met de voorbeeldbladen die Alart Duhameel tekende. Het lijkt er op dat deze specifieke vormgeving, met name die van het distelblad, vanuit ’s-Hertogenbosch zijn weg heeft gevonden naar de bouwwerven van andere Brabantse kerken, zoals de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal in Antwerpen.26 De rijkdom van de kraagstenen sluit goed aan bij het gecompliceerde netgewelf, met een uitzonderlijk rijke detaillering, dat er op rust. | 323 |
| Noten | |
| 26. | Den Hartog & Glaudemans 2013, 100-104. |
Ronald Glaudemans, De Sint-Jan te 's-Hertogenbosch : Bouwgeschiedenis en bouwsculptuur 1250-1550 (2017) 323
Ronald Glaudemans, De Sint-Jan te 's-Hertogenbosch : Bouwgeschiedenis en bouwsculptuur 1250-1550 (2017) 348, 349